Veiligheid in en rondom het huis

Veiligheid in en rondom huis

Terloops denken we er allemaal weleens aan, maar in de praktijk besteden we helaas maar weinig aandacht aan veiligheid. Mensen die beperkt zijn in horen plus zien lopen hierbij nog extra risico’s. Uiteraard zijn deze nooit allemaal te voorkomen, maar het is toch goed even bij een aantal zaken stil te staan.

Ons advies in deze is: bereid je cliënt erop voor dat jullie een keer over veiligheid praten en plan dit in je afspraken. In jullie gesprek over veiligheid kun je samen met de cliënt de onderstaande punten langslopen. Het helpt wellicht om daarbij gebruik te maken van een (globale) plattegrond van het huis, waarin jullie samen de aandachtspunten aangeven.

  1. Brand

Over het algemeen kennen mensen die beperkt zijn in horen plus zien hun eigen huis en directe omgeving erg goed. Aan de andere kant zijn zij zich vaak onvoldoende bewust (geworden) van de leefomgeving. Brand en de daarbij vaak voorkomende rook veroorzaken al snel paniek. Je moet snel handelen, snel een uitweg weten. Snel is iets dat mensen die beperkt zijn in horen plus zien niet kunnen zijn. Vandaar de onderstaande aandachtspunten.

 

Wat zijn de brandgevaarlijke plaatsen

in huis?

 

– Waar bevinden zich kachels en open vuur?- Waar bevinden zich elektrische kachels, elektrische apparaten die warm worden?
Gasapparaten en afvoerkanalen worden jaarlijks gecontroleerd en schoongemaakt? 0 ja

0 nee

Staan of liggen bij deze brandgevaarlijke plaatsen brandbare spullen? Zoals handdoeken, kleding, stoffen, snoeren, en dergelijke? 0 ja

0 nee

Zijn de brandgevaarlijke plaatsen beter te beveiligen? 0 ja

0 nee

Zijn er meerdere uitgangen in de woning bereikbaar? Zo ja, waar? – Denk aan deuren, ramen, balkon

– Zijn deze toegankelijk? Kan de cliënt er makkelijk en snel wegkomen?

Liggen de huissleutels op een plek waar ze in geval van brand gemakkelijk te vinden zijn? 0 ja

0 nee

Weet cliënt waar hij/zij in de directe omgeving van de woning naar toe moet om (veilig) er te zijn? 0 ja

0 nee

Is er (al) een vluchtplan? 0 ja

0 nee

Kan cliënt de sirenes horen, die iedere maand klinken? 0 ja

0 nee

Weten de directe buren dat cliënt niet goed kan horen en zien? En hoe ze cliënt in geval van brand moeten waarschuwen/helpen? 0 ja

0 nee

Zijn er branddekens en blussers in huis? 0 ja

0 nee

Weet cliënt hoe hij deze moet bedienen? 0 ja

0 nee

Zijn er rookmelders? Zo ja, waar bevinden zich deze? 0 ja

0 nee

Zijn deze rookmelders aangesloten op het wek-en waarschuwingssysteem? 0 ja

0 nee

Het gasvlammetje van de geiser brandt blauw, zodat er geen gevaar is op koolstofmonoxide. In hoeverre kan de cliënt dit zelf zien?
Er is een aardlekschakelaar in het huis en deze wordt jaarlijks getest 0 ja

0 nee

Staat het alarmnummer voorgeprogrammeerd in de telefoon? 0 ja

0 nee

Met behulp van een plattegrond, neem je samen met je cliënt de bovengenoemde punten door, oefen vluchtroutes, bespreek met cliënt dat het van belang kan zijn dat de buren weten dat ze bij brand de cliënt extra moeten ondersteunen en analyseer de directe woonomgeving samen met je cliënt op veilige plaatsen en hoe de cliënt in geval van brand hier kan komen.

  1. Criminaliteit

Het is niet raadzaam je cliënt bang te maken, maar helaas is de realiteit dat met name de inbraak en overvallen op particulieren toenemen. Zoals bij de brandveiligheid is het ook ten aanzien van de criminaliteit van belang het thema een keer aan de orde te stellen. Daarbij kun je teruggrijpen op onder andere de onderstaande aandachtspunten.

 

Zitten er dievenklauwen op deuren en ramen? 0 ja

0 nee

Is er een kierslot of deurketting bij de voordeur? En wordt deze ook gebruikt? 0 ja

0 nee

Is er een kijkgaatje in de voordeur? Er bestaan speciale speurspionnen die beter zicht geven 0 ja

0 nee

Is er voldoende licht bij de voordeur? Liefst in de voorhal of portiek? 0 ja

0 nee

Hoe handelt de cliënt normaal gesproken als er aangebeld wordt? Is dit overdag anders dan ’s avonds? (NB veel overvallen vinden juist overdag plaats).
Vraagt cliënt meteropnemers en reparateurs zich te legitimeren? En hoe pakt cliënt dit aan?
Kan er gemakkelijk iemand achter het huis komen? 0 ja

0 nee

Zijn de ramen en andere deuren in huis goed beveiligd? 0 ja

0 nee

Heeft de cliënt altijd veel geld op zak/in huis? 0 ja

0 nee

Heeft de cliënt het nummer van de politie in de telefoon voorgeprogrammeerd staan?

0900-0844

0 ja

0 nee

 

Bespreek de veiligheidspunten met je cliënt en analyseer samen deze veiligheidspunten. Oefen het gebruik van de kierstand of ketting op deur en check of de cliënt de bezoeker kan vaststellen. Oefen desnoods een keer met een rollenspel.

 

Doet de cliënt alleen boodschappen? 0 ja

0 nee

Hoe betaalt de cliënt zijn boodschappen? 0 contant

0 pinnen

Is de cliënt bij het pinnen bewust van het skimmen-gevaar? 0 ja

0 nee

Hoe handelt de cliënt normaal gesproken als er aangebeld wordt? Is dit overdag anders dan ’s avonds? (NB veel overvallen vinden juist overdag plaats).
Waar ligt de tas bij het boodschappen doen, in de bus, in de tram? Waar is de portemonnee in al deze gevallen?

Bespreek samen met de cliënt de risico’s ten aanzien van criminaliteit. In alle gevallen gaat het erbij overvallen om dat geld minder van belang is dan de gezondheid. Wordt men overvallen, geef zonder discussie hetgeen waarom gevraagd wordt. Weet men wat te doen als er sprake is van een inbraak of een overval? Kent men het alarmnummer en weet men welke buren er snel ingeschakeld kunnen worden?

Nogmaals, het gaat er niet om de cliënt bang te maken, maar het is wel van belang het item veiligheid een keer serieus te bespreken.

  1. Gezondheid thuis

Veiligheid draait niet alleen om brand en criminaliteit, maar ook om de gezondheid in thuissituaties. Denk daarbij aan valpartijen en dergelijke?

 

Ramen en schakelaars zijn te bedienen zonder trap of krukje 0 ja

0 nee

Voorraad in kasten staan laag genoeg om zonder trap of krukje gepakt te kunnen worden 0 ja

0 nee

De trap is niet glad, er liggen geen spullen op de trap en er is tenminste één stevige leuning 0 ja

0 nee

In de badkamer is op de vloer in de douche en in het bad antislip aangebracht 0 ja

0 nee

Er zijn geen drempels of de kanten van de drempels zijn afgeschuind 0 ja

0 nee

Alle snoeren in huis zijn netjes weggewerkt langs plinten. En niet onder het tapijt 0 ja

0 nee

Is er voldoende verlichting bij de trap? 0 ja

0 nee

Als de cliënt gebruik maakt van badkamer of toilet, doet hij de deur dan altijd op slot? NB als er onverwacht iets gebeurt, is een dichte deur van buiten moeilijk te openen 0 ja

0 nee

Liggen er losse kleden in huis? Zo ja, raadzaam is om deze te verwijderen of om er een antislipmat onder te leggen
Is er voldoende loopruimte in huis? 0 ja

0 nee

 

 

Gebruikt de cliënt een vaste telefoon of een draagbaren telefoon? NB Een draagbare telefoon kan men bij zich dragen 0 ja

0 nee

Is er automatische verlichting in bijvoorbeeld de gang? 0 ja

0 nee

Maakt de cliënt gebruik van een sociaal alarmeringssysteem? 0 ja

0 nee